Roos Barnhoorn (28) is spastisch en zit daarom in een rolstoel. Misschien wat lastig, als je op vakantie wil. Niet voor Roos. Die regelt dat gewoon.

‘Ik ben spastisch geboren, waarschijnlijk door zuurstofgebrek tijdens de geboorte’, legt Roos uit. ‘Het houdt in dat ik geen controle heb over mijn spieren. Ik kan maar een hand gebruiken en mijn benen helemaal niet.’ Eten, zich aankleden, naar de wc gaan; Roos heeft vrijwel overal hulp bij nodig.

Gelukkig heeft ze in totaal acht pgb’ers, zodat ze 24 uur per dag zorg krijgt. ‘Ik woon Hardegarijp, een dorpje vlakbij Leeuwarden, in mijn ouderlijk huis. Mijn moeder woont inmiddels bij haar vriend. Er blijft altijd iemand bij me slapen, voor het geval ik ’s nachts naar de wc moet.’ Goed geregeld, vindt Roos.

Ze is niet alleen spastisch, maar heeft ook een visuele en een licht verstandelijke beperking. Dat ze daardoor niet op vakantie zou kunnen, vindt ze maar onzin. ‘Op mijn elfde ging ik al op zomerkampen. Mijn moeder dacht: dat is leuk voor Roos. En ik vond het inderdaad leuk’, vertelt ze opgewekt. ‘Alleen de eerste keer had ik heimwee, daarna nooit meer. Elk jaar ging ik een week naar Hattum met een stichting. Zij organiseren vakanties voor mijn doelgroep, zeg maar.’ Tijdens die week stond er van alles op het programma: van speurtochten tot miniplaybackshows. Elke vakantieganger had zijn eigen, persoonlijke begeleider.

Vanaf haar zestiende ging Roos met een andere stichting op pad. Ze was te oud voor de kinderkampen. Inmiddels is Roos onder meer in Praag en Oostenrijk geweest. ‘Maar in Oostenrijk ging het mis, op 28 december 2012 – ik zal die dag nooit vergeten. Ik reed per ongeluk met mijn rolstoel van een trappetje, waardoor ik mijn knie brak. Dit was op de eerste dag al, echt balen.’ In Oostenrijk had Roos dolgraag de berg af willen roetsjen op aangepaste sleeën. ‘Ik wilde dat heel graag; was er helemaal hysterisch van. Helaas ging het niet door.’ Roos ging niet bij de pakken neer zitten: ‘Het komt er vast nog wel eens van.’

In de tussentijd is ze al wel in België en Berlijn geweest. ‘Met mijn zus, een vriendin, mijn stiefvader en zijn dochter. Dan gaan we gewoon met de bus. Ik heb een speciale bus in bruikleen van de gemeente.’ Met die bus gaat Roos ook wel eens kamperen. ‘Er zit namelijk ook een bed in.’ Met school, jaren terug, ging ze ook al eens naar Londen.

Waar haar volgende vakantie heen gaat, weet ze nog niet. ‘Maar ik zou heel graag nog eens naar New York willen, dat wil ik al heel lang.’ Ze is even stil en zegt dan: ‘Dan moet ik eerst maar eens sparen.’